Boeren en boerinnen kregen op 13 november 2025 in Bommelwereld in Groenlo het podium om te spreken over de echte vraagstukken die spelen op het erf en in de familie.
Een plek die een landbouwgeschiedenis heeft en ondernemerschap ademt. Passend bij het doel van deze dag: laten zien dat boerenbedrijven niet stil staan, stappen zetten om te verduurzamen en hun bedrijven overeind te houden. Ook al is beleid al jaren onduidelijk. Hierin is er veel dat boeren met elkaar verbindt. De gesprekken lieten zien dat boeren het fundament zijn van onze samenleving: vandaag, morgen en nog vele generaties verder.
Op de bijeenkomst kwamen zo’n tweehonderd boeren en boerinnen af, die met elkaar in gesprek gingen over het bestaansrecht van de boer en hoe zij de toekomst zien. Maar ook over de druk die zij ervaren in hun gezin en familie als het gaat om de toekomst van het bedrijf, de maatschappelijke druk, druk van wetgeving en de veranderingen die nodig zijn. Druk, een onderwerp dat minder snel aan bod komt bij de meeste bijenkomsten over de toekomst van de boer. In veel gesprekken kwam terug welke kansen er op het boerenerf zijn om toekomstbestendig te boeren en de alternatieve verdienmodellen die daarbij horen. Tussen de gesprekken werd er genoten van muziek door Rocco Ostermann.
De bijeenkomst ‘Good boern: now en straks’ was de tweede in een reeks die het Nationaal Klimaat Platform met regionale partners organiseerde. De bijeenkomst werd mogelijk gemaakt door 8RHK Ambassadeurs, Rabobank, De Landbouwers, Gelders Energieakkoord, provincie Overijssel, provincie Gelderland en Duurzaamheid.nl. Deze partijen nemen de signalen uit de verhalen van deze dag mee in hun regionale en nationale activiteiten voor een duurzaam voedselsysteem. De regionale partijen gaan met elkaar in gesprek over hoe ze – samen met boeren en boerinnen - het vervolg van deze bijeenkomst gaan vormgeven in de regio.
Lees meer:
Een bijeenkomst met boeren voor boeren over de toekomst van de landbouw in een thema-pretpark over Olivier B. Bommel? Het is minder raar dan je denkt. Want waar nu bij Groenlo het Bommelkasteel uittorent boven de N18 lag ooit Marveld, de boerderij van de familie Bomers. Ondernemer Edwin Bomers - “ik ben de achtste generatie” - dacht er als begin twintiger een tussenjaartje te gaan werken. De koeien waren toen al ingeruild voor een camping, mede vanwege de aanleg van de N18. Bomers zag kansen en bleef. Er kwam onder zijn leiding een subtropisch zwemparadijs, vakantiehuisjes in plaats van caravans, een overdekte binnenspeeltuin, en sinds kort Bommelwereld, een overdekt themapretpark.
Bomers’ advies aan boeren van nu? “Er zijn allerlei mogelijkheden: begin een kaasmakerij, ijsmakerij, kampeerboerderij, druiventeelt, … Het zijn pareltjes voor toeristen en je leert kinderen dat melk uit een koe komt. Maar voel je er niets bij? Blijf gewoon boer!”
Tijdens Good Boern komen veel verschillende boeren en boerinnen aan het woord. Grenzend aan natuurgebied Het Aamsveen bij Enschede boeren drie broers Kromhof en hun ouders. De broers werken allemaal een vaste dag in de week op de familieboerderij. Op zaterdagen zijn ze er allemaal. Daarnaast hebben de broers ieder een andere baan. Koen Kromhof runt bijvoorbeeld een groothandel in aanvullende diervoeder met twee compagnons. In 2020 groeide het bedrijf van 70 naar 140 koeien in een moderne, diervriendelijkere stal met emissiearme vloer en twee melkrobots. Dankzij zonnepanelen zijn ze van-het-gas-af. Kromhof: “Wij kregen nog een vergunning. Nu staan er veel boeren in de wacht.” Hij ziet jonge boeren afhaken. “Doodzonde. Wij produceren op arme zandgronden een kilo melk tegen 850 gram CO2, wereldwijd is dat twee kilo CO2!” Zijn tip: “Laat je niet gek maken, maar steek ook je kop niet in het zand. Zet elke dag een stapje verder richting ‘beter’.”
Veertig jaar is Henry Fox boer geweest nabij het Natura2000-gebied Bergvennen & Brecklenkampse Veld in Overijssel. Hij nam het melkveebedrijf over van zijn ouders en zijn jongste zoon wilde het graag voortzetten. Fox: “We hebben alles geprobeerd. We zijn in gesprek gegaan met wethouders, met Kamerleden, met de minister, de provincie. Ik heb ze allemaal op het erf gehad.” De plek bleek uiteindelijk het belangrijkst, de Kader Richtlijn Water en stikstofregels gaven geen perspectief. Fox stopte via de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderijlocaties. Vooral de weken voor de uiterlijke beslisdatum lag hij wakker. “Het besluit was triest, maar unaniem”, benadrukt hij. “We hebben in het gezin alles heel open besproken.” Het vertrek van de koeien was een rouwproces en zijn vertrouwen in overheid en politiek is Fox kwijt. “In twintig jaar ben ik niks opgeschoten; voor het eerst heb ik blanco gestemd.” Positief was de steun uit de omgeving. “Het doet goed, dat mensen je inzet zien en respecteren.” Zijn zoon hoopt nu in het buitenland de boerentraditie voort te zetten. Fox: “Daar liggen nog kansen.”
Het jarenlang uitblijven van duidelijk beleid voor boeren zorgt voor grote onzekerheid, frustratie en stress bij boerengezinnen. De workshop ‘Omgaan met druk’ bevestigde dat. Drie boeren spraken over hun ervaringen, wat niet zonder een traan lukte. Wat is een boerderij je waard? Hoe zorg je dat zorgen niet opgekropt worden, maar besproken? Rob Huizing, zelf gestopt, werkt inmiddels als agrarisch coach bij Boerenperspectief: “Boeren denken ‘het ligt aan mij’, maar het zijn de omstandigheden.” Zijn eerste vraag in een coachingstraject is altijd: wil je veranderen? “Want als je blijft doen wat je deed, wordt het niet anders.” Maar de allereerste stap – aan de keukentafel worden uitgenodigd - is vaak het lastigst. Dat lukt het best via-via. Familieleden, buren, de huisarts, dierenarts of leveranciers kunnen signalen oppikken. Naast Boerenperspectief dat de boer ondersteunt in ondernemersbesluiten, is er ook gratis mentale ondersteuning via organisaties als Taboer. Vanuit het publiek kwam ook een boektip voor boeren in de knel: Wat de boer niet zegt.
“Laat me, laat me mien eigen gang moar goan” – muzikant Rocco Ostermann (& Ramses Shaffy)
Op het oude landgoed 't Lankheet tussen Haaksbergen, Eibergen en Neede heeft Gertjan Stokkers een coöperatieve boerderij Naoberboeren opgezet samen met zijn vrouw, medeboer Stefan Fokking en cooperatieleden uit de buurt. Stefan en Gertjan telen met leden van de cooperatie uit de buurt seizoensgroenten, fruit, kruiden en bloemen. Alles puur, lokaal en zonder kunstmest of bestrijdingsmiddelen. De coöperatie telt inmiddels 150 leden die voor drie jaar intekenen. Ze krijgen wekelijks een groentetas en kunnen meewerken op het land.
“Tegenwoordig delegeer ik in plaats van dat ik zelf boer”, lacht Stokkers. Hij leert er zelf ook van, want er zijn leden met veel moestuinervaring. Naast de akkerbouw heeft de boerderij ook kinderopvang en houden ze kleinschalig varkens en kippen. Een deel van het vlees van zijn biologische varkens en kippen verkoopt Stokkers aan coöperatieleden. Hij haalt er momenteel “een goede boterham uit” en vindt het mooi dat ‘stadsmensen’ leren waar hun voedsel vandaan komt. Hoe ziet hij de boerentoekomst? “We moeten veranderen als boeren. Maar niet iedereen kan precies doen wat ik doe. Hopelijk komt er snel een stip aan de horizon vanuit Den Haag.”
“De boer is de oplossing, niet het probleem. Zij bewaren het landschap” – rentmeester Ryan Nijzink (a.s.r.)
Aan de ‘keukentafel’ blikten melkveehouder en ervaren LTO-bestuurder Martien Nillesen en boerenzoon en Rabobank-adviseur Rowan Weenink elk apart met dagvoorzitter Bert Eeftink terug op de afgelopen jaren. Er is veel gevraagd van boeren, vindt Nillesen. “Terugkijkend was het ook nodig. We boerden zonder goed naar de omgeving te kijken.“ Weenink: “Vroeger werd de agrarische sector uitgedaagd om zo goed mogelijk voedsel te produceren tegen een zo laag mogelijke prijs, waar we m.i. ook erg goed in geslaagd zijn. Hierbij werd vooral gekeken naar de mogelijkheden van de ondernemer en de onderneming. Maar inmiddels is de omgeving bepalend voor de koers van een bedrijf”, vertelt Weenink “Zit je dichtbij de natuur dan is extensiveren waarschijnlijk de route, dichtbij de stad kun je bijvoorbeeld inzetten op de korte keten met de afnemers in de stad.” Maar, benadrukt de adviseur, hij heeft honderd klanten en honderd verschillende oplossingen. “Schaalvergroting is op sommige plekken een optie, maar niet zomaar overal. Het gaat niet langer om zoveel mogelijk melk uit een koe te halen. Het gaat om ondernemerschap. Waar wil je heen? Waar geloof je in en wat past bij de omgeving?”
Zijn er terugkijkend verkeerde keuzes gemaakt? Weenink: “Boeren leveren wat consumenten willen: een goedkoop, goed product. Achteraf denk je: we hadden beter naar neveneffecten moeten kijken.“ Nillesen vindt dat er te lang is doorgepraat door LTO terwijl boeren klem zaten. Nieuwe actiegroepen namen het voortouw in protesten. “Maar belangenbehartiging is ook een kwestie van lange adem. Je ziet niet snel resultaat.”
Nillesen wijst op de grote stappen die er al zijn gezet naar een vruchtbare kringloop, naar goed boeren met minder mineralen. “Ik heb zelf ook een stikstofstripper.” Hij signaleert dat omschakelen nu vaak onmogelijk is door regelgeving. Weenink beaamt dat: “Er zijn echt meer zorgen over beperkingen voor het ondernemen dan over geld.” Toch zien beiden kansen en drukken jonge boeren op het hart de hoop niet op te geven. “Over een aantal jaren kijken we terug en zien dat het ons verder heeft gebracht”, stelt Nillesen. Weenink: “Er zijn aanpassingen nodig in de bedrijven, maar we hebben onze boeren hard nodig.”
Ze willen dolgraag een nieuwe stal bouwen voor meer dierenwelzijn en minder emissies en om te voldoen aan de eisen voor een keurmerk. Maar een vergunning krijgen lukt niet, vertelt boerin Nicole Scholten-Linde. Het melkveebedrijf van de familie grenst aan Natura2000-gebied Springendaal in Overijssel. Er wordt op die plek al sinds 1730 geboerd door de familie. Het bedrijf heeft zonnepanelen en een accu en deed mee aan de pilot ‘Goed boeren met natuurherstel’. “Maar met het resultaat uit de pilot -minder koeien- halen we geen volwaardig inkomen”, zegt de boerin. Wat nu? “Positief blijven. Boeren hebben bestaansrecht ook bij Natura2000-gebied. Wij onderhouden het landschap waarvoor de toeristen komen. Daar zou meer vergoeding tegenover mogen staan.” Scholten-Linde blijft erin geloven. “Wij boeren met passie en er staan opvolgers klaar.”
Melkveehouder Gregor Gross-Bölting uit Megchelen heeft een bedrijf met 50 hectare weiland en vijf hectare akkerland. De afgelopen jaren heeft hij het aantal koeien min of meer stabiel gehouden en een extra verdienmodel gezocht om niet te hoeven opschalen. Om meer inkomsten te genereren, kwamen er twee gastenverblijven: Villa Grenszicht en Hoeve Grenszicht. Een van de huizen was van de voormalige buurman. Ze hebben een eigen oprit, een hottub en grote barbecue. Gross-Bölting: “Er is veel belangstelling. Je verkoopt eigenlijk emotie: plattelandsbeleving. Maar het is ook veel werk en het is lastig om personeel te vinden voor bijvoorbeeld de schoonmaak.” En dat is wel nodig met het melkveebedrijf erbij. Zeker op wisseldagen van de gasten. De dochter en schoonzoon die het melkveebedrijf wil overnemen, springen bij. Gasten mogen op afspraak op het erf komen kijken. Gross-Bölting: “Er zit een hek tussen. Het zijn twee verschillende bedrijven.”
Arjan Prinsen heeft een melkveebedrijf in het Achterhoekse Haarlo, maar hij is ook energieleverancier. Prinsen heeft een staldak vol zonnepanelen, een mestvergister (met warmtekrachtkoppeling), een kleine windmolen en een zeecontainer vol accu's. De energie wordt benut op het bedrijf of verkocht op de energiemarkt. Prinsen: “Ik vroeg me vijftien jaar geleden af of ik mijn bedrijf moest afbouwen met alle nieuwe regelgeving. Ik heb toen besloten het circulair te maken zowel in energie als in mineralen.” Dat gaat stap-voor-stap. Melkrobot, apparatuur en machines worden geleidelijk geëlektrificeerd. Onkruidbestrijding gaat inmiddels met zelf-verwarmd heet water. Het merendeel van de mest zal verwerkt worden tot mineralen en biogas. Prinsen: “Het hele proces draait ook om regie terugkrijgen door zelfvoorzienend te worden. Op je eigen erf, achter de meter, kun je het inrichten zoals jij wil. En wat ik overhoud aan energie, probeer ik zoveel mogelijk lokaal af te zetten.” Zijn advies: “Kijk waar jouw kansen liggen en kijk daarbij lokaal. Als je samenwerkt deel je het leergeld en kun je versnellen.”
Een ‘zonvarken’ staat in een kleinschalige, diervriendelijke en milieuvriendelijke stal. Het kan 24/7 naar buiten om te wroeten en leven in familiehokken. Mest wordt gescheiden. Het eten bestaat uit reststromen van de voedingsindustrie en retourstromen, zoals oud brood en wordt aangevuld met vitaminen en mineralen. Het zonvarken is een franchise-idee bedacht door vier Nederlandse varkensboeren die zochten naar een andere manier van produceren. Rick ter Haar is sinds drie jaar een parttime zonvarkensboer; hij is daarnaast financieel adviseur voor veehouders. Het lukte hem om samen met een compagnon een plek en financiering te vinden voor twee stallen met elk 25 zeugen. “Meer mensen willen aansluiten bij de coöperatie maar lopen vast op vergunningen.” Ook bij hen was de bank in eerste instantie terughoudend. Het hielp dat de Jumbo vijf jaar afnamegarantie gaf. Het zonvarkenvlees kreeg een dikke drie sterren van de dierenbescherming. Het is vijftien procent duurder dan regulier varkensvlees en volgens sommigen malser. Ter Haar: “Ik denk dat in de verkoop vooral diervriendelijkheid telt.”
Nieuws Projecten Kijk & luister Publicaties Over ons Contact
Geen belangrijke updates missen? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.
Inschrijven
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies zijn van aanbieders van externe content op deze website. Denk aan film, marketing- en/of tracking cookies.